Onderzoeksmethoden schrijven: het ‘waarom-daarom’ van je onderzoek

Als het theoretisch kader het fundament is van je scriptie, dan is het methodenhoofdstuk de lijm die alles bij elkaar houdt. Voor de meeste studenten is het schrijven van een methodenhoofdstuk een verademing. Het abstracte en theoretische gedeelte heb je achter de rug en je kunt concreet aan de slag.

Het methodenhoofdstuk, een verantwoorde keuze

Het methodenhoofdstuk gebruik je om uit te leggen wat je gedurende je onderzoek precies gedaan hebt. Je legt uit welke manier(en) van dataverzameling je gebruikt hebt, welke cases je analyseert, wie je in het onderzoek hebt opgenomen en waar je onderzoek heeft plaatsgevonden. Naast al deze praktische informatie staat vooral het ‘waarom’ van alles wat je hebt gedaan centraal. Helaas zijn je eigen inzicht en voorkeur onvoldoende om andere wetenschappers te overtuigen van de validiteit, representativiteit en geldigheid van jouw onderzoek. Als je mijn vorige blog met tips over het theoretisch kader gelezen hebt, dan weet je dat je theorie moet gebruiken om te onderbouwen welke keuzes je gemaakt hebt. Kortom, het methodenhoofdstuk is het verantwoorden van: wie, wat, waar, wanneer en hoe van je onderzoek. Maar hoe weet je nu welke keuze de juiste is?

Tip 1: Een oneindig aantal methoden, maar beperkte tijd en middelen

Er is niet één perfecte manier waarop een onderzoek uitgevoerd kan worden. Er zijn vaak verschillende methoden die de hoofdvraag kunnen beantwoorden. Inventariseer al deze methoden en maak je keuze op basis van de beschikbare tijd en middelen. Als je bijvoorbeeld wegens een strakke deadline geen tijd hebt om 25 interviews te houden, kan een focusgroep een uitkomst zijn. Of een aantal interviews met sleutelfiguren ondersteunt met enquêtes.

Tip 2: De methoden bepalen de resultaten

Hiermee bedoel ik dat verschillende methoden verschillende typen resultaten geven. Ook dit kan een reden zijn om de ene methode boven de andere te verkiezen. Als je inderdaad besluit een focusgroep te houden en geen serie interviews, moet je realiseren dat er bij focusgroepen ook sociale processen spelen die tot andere antwoorden kunnen leiden. Misschien durft niet iedereen zijn zegje te doen of durven de genodigden vertrouwelijke informatie niet zomaar prijs te geven. Gebruik je methodenhoofdstuk om deze verschillen te benoemen en uit te leggen op welke manier je als onderzoeker de nadelen van de gekozen methoden probeert te ondervangen.

Tip 3: Wat andere onderzoekers doen als leidraad

Sla er eens soortgelijke onderzoeken op na om te zien wat mede wetenschappers gedaan hebben. Welke aanpak hadden ze en hoe heeft dit hun resultaten en bevindingen beïnvloed? Dit zou allemaal terug te vinden moeten zijn in het methodenhoofdstuk en de discussie. Grote kans dat ze ook aanbevelingen doen voor andere methoden. Andere onderzoeken zijn daarmee een ware bron van kennis en inspiratie!

Tip 4: Handboeken voor methoden

Naast de informatie over methoden die in wetenschappelijke literatuur terug te vinden is, zijn er ook veel handboeken geschreven over onderzoeksmethoden, de voor- en nadelen van methoden en hoe ze het best toegepast kunnen worden. Deze boeken hebben vaak thema’s zoals statistisch onderzoek of social research. Duik de bibliotheek in om deze boeken open te slaan. Je zult er al snel achterkomen dat je keuze voor een onderzoeksmethode zich niet beperkt tot interviews of enquêtes.

Tip 5: Ethische keuze

Niet alleen de beschikbare tijd en middelen kunnen de keuze van onderzoeksmethoden inperken. Er zijn ook ethische keuzes die je in overweging moet nemen. Denk dus goed na over de impact van jouw onderzoek op je onderzoekssubjecten. Deze ethische overwegingen dienen ook een plekje te krijgen in jouw methodenhoofdstuk en onderzoeksvoorstel.

Tip 6: Recht op je doelstelling af

Aan het begin van je scriptietraject heb je een doel opgesteld voor jouw onderzoek. Hier is een vraagstelling uit voort gekomen. Als het goed is zijn het onderzoeksdoel en de vragen al leidraad geweest van jouw theoretisch kader. Pak ze er bij de keuze voor een methode weer bij om te toetsen of je met een bepaalde methode in staat bent je doel te verwezenlijken.

Tip 7: Leg niet alleen uit wat je doet, maar ook wat je niet doet

Natuurlijk moet jouw methodenhoofdstuk antwoord geven op de vraag wat je gedaan hebt gedurende je onderzoek en waarom. Je zult echter ook moeten verantwoorden waarom je bepaalde methoden juist niet gekozen hebt. Of waarom je bepaalde subjecten en objecten niet hebt opgenomen. In je methoden komt dus ook een stukje afbakening en onderbouwing terug.

Zoals voor ieder hoofdstuk van jouw scriptie geldt ook bij de methoden dat je gebruik maakt van bronnen om te onderbouwen wat je gedaan hebt. Een goede onderbouwing en bovenstaande tips moeten jou helpen om een waterdicht methodenhoofdstuk te schrijven.

Marije
Marije

Plan een gratis en vrijblijvend adviesgesprek

Vul je gegevens in en wij nemen zo snel mogelijk contact met je op voor een vrijblijvend telefonisch adviesgesprek. In dit gesprek kijkt een van onze scriptie-experts in welke fase van het scriptietraject je bent, waar je tegenaan loopt en hoe wij er samen voor kunnen zorgen dat je jouw scriptie goed afrond. Je kunt ons ook direct bellen via 010 - 714 23 43.





Please leave this field empty.